THERE CAN BE ONLY ONE

Martijn Dood [40]
Online Consultant

Veertig (1)

Een illuster rijtje: Benedict Cumberbatch, Alicia Silverstone, Clarence Seedorf, Reese Witherspoon, Colin Farrell, Patrick Kluivert, Carice van Houten, Sjeng Schalken en Martijn Dood. Al deze mensen zijn geboren in 1976 en bereiken daarmee dit jaar de leeftijd van 40 jaar. Sjeng Schalken en ondergetekende zijn zelfs op exact dezelfde dag geboren. Het had weinig gescheeld of mijn geest had dat andere lichaam tijdig bereikt. Dan had ik nu een glorieuze tenniscarrière achter de rug.

Hoera, 40!Ik heb dubbel pech. Ten eerste ben ik niet Sjeng Schalken, wat overigens mogelijk helemaal niet leuk zou kunnen zijn. Ik heb geen idee. Maar daarnaast zweef ik ook nog eens tussen twee generaties. Het hangt er vanaf welke socioloog je het vraagt. De één rekent mij tot Generatie X, de zogenaamde ‘verloren generatie’ ofwel ‘Generatie Nix’. De andere tot Generatie Y ofwel de ‘Millenium- of Googlegeneratie’. Zelf kan ik me vinden in de opvatting van de Duitse publicist Susanne Gaschke die Generatie X ‘Generatie Teveel’ noemt, waarmee ze doelt op dat wij, als gevolg van de goedbedoelde overijver van de Babyboomers, van alles te veel hebben: te veel mogelijkheden en te veel keuzes. Maar ik kan me ook vinden in de opvattingen van de Amerikaans socioloog Kathleen Shaputis die Generatie Y wegzet als de ‘Peter Pan Generatie’, bevolkt door mensen die maar niet volwassen lijken te willen worden.

Eigenlijk bevind ik me, samen met mijn medeveertigers, in het vacuüm tussen twee generaties, namelijk X en Y. We worden gekenmerkt door keuzestress die voortkomt uit alles wat de Babyboomers op poten hebben gezet. En juist die keuzestress drijft ons richting de wens om altijd kind te blijven. We duwen keuzes eindeloos voor ons uit. En eerlijk is eerlijk: De aanslagen van 11 september 2001 hielpen ook niet echt. Want toen ik op mijn 25ste in de kracht van mijn leven was, eindelijk (bijna) was afgestudeerd en klaar stond om de wereld te veroveren, stortte de hele Westerse economie in. Mijn leeftijdsgenoten en ik rolden massaal in de foetushouding, roepend om onze moeder, de arbeidsmarkt op. En vervolgens hopten we van job naar job, zonder duidelijk doel voor ogen, onszelf afvragend wat we nou eigenlijk wilden met het (werkende) leven. Nergens bijhorend, zonder aansluiting.

Naast dat we ons in het vacuüm tussen twee generaties bevinden, delen de mensen die in 2016 40 worden nog een belangrijke eigenschap: We zijn geen digital natives, want we stammen van vóór de digitale revolutie. Tegelijk waren we te jong om een bijdrage te leveren aan de digitale wereld van vandaag. Die rol namen de Steve Jobs’s en Bill Gates’s voor hun rekening terwijl wij luisterden naar Nirvana en 2 Unlimited, flippo’s verzamelden en Telekids keken. We waren aan het wachten tot we massaal het internet op konden om te MSN’en, Hyven en later Facebooken. We zaten daarmee in nóg een vacuüm, namelijk die tussen de veilige, overzichtelijke en soms wat beperkte wereld van net na de Tweede Wereldoorlog tot aan de jaren ‘90 en de transparante, toegankelijke, maar soms ook overweldigende wereld waarin we nu leven.

Vacua (je schijnt ‘vacuüms’ te mogen schrijven, maar vacua vind ik mooier) zijn obstructies. Ze blokkeren een overgang. Wie is geboren in 1976 of rond die periode bevindt zich ongevraagd in deze vacua. We lijken daar te blijven steken. Gevangen. Verloren. Maar dat is dus een verkeerd beeld!

Bruggenbouwers zijn weWij net-veertigers zijn helemaal niet verloren. Wij zijn de liaisons van onze maatschappij. Wij verbinden de oude met de nieuwe generatie. In organisaties zoals de mijne, Centraal Beheer, is het een onbenoemde positie. Begrip tussen de generaties van vóór en ná de aanslagen en van vóór en ná het internet is niet vanzelfsprekend. Daar zijn bruggenbouwers voor nodig.

En zo ben ik, mogelijk net als Sjeng Schalken, een veertigjarige bruggenbouwer. Met 1 been sta ik middenin de predigitale, ambitieuze ondernemersgeneratie en met het andere been bevind ik me in de razendsnelle, op samenwerking gerichte generatie die antwoord heeft op zo ongeveer alles. Begrip kweken, uitleggen, beelden schetsen. Ik vind het heerlijk om helderheid te verschaffen en hoop het nog minstens veertig jaar te mogen doen. Met een beetje geluk het dubbele. Alleen nog even wachten op een generatie die dat mogelijk maakt.​

Opmerkingen

Re: Veertig (1)

Martijn, volgens mij is het niet zo moeilijk... jij bent XY :)

Groetjes van Anke
 op 5-9-2016 15:02

Opmerking toevoegen

Titel


Hoofdtekst *


Bijlagen

CAPTCHA
Change the CAPTCHA codeSpeak the CAPTCHA code